
oranje zandoogje (Pyronia tithonus)
Verspreiding en zeldzaamheid VoorkomenEen algemene standvlinder die voorkomt in twee gescheiden gebieden; het noordoosten van het land (Drenthe en de daaraan grenzende delen van Groningen, Friesland en Overijssel) en het zuiden van het land (Zeeland, Noord-Brabant en het noorden van Limburg). In het overige deel van het land wordt het oranje zandoogje nauwelijks waargenomen.Regionale verspreidingIn Nederland is de omvang van het verspreidingsgebied in de twintigste eeuw niet wezenlijk veranderd. Opvallend is de tweedeling. De soort is algemeen in het zuiden (Zeeland, Brabant en Noord-Limburg) en in het noorden (Zuidoost-Friesland, Drenthe en gedeelten van Groningen en Overijssel). In het midden van het land, Noord- en Zuid-Holland en Midden- en Zuid-Limburg wordt hij veel minder gezien. Er is nog geen verklaring voor deze merkwaardige verspreiding. Ook elders in Europa vertoont de verspreiding onverklaarbare leemten.In de jaren tachtig namen de aantallen in een aantal gebieden wat af of kwam de vlinder op bepaalde plaatsen helemaal niet meer voor. Zo was de soort in deze periode vrijwel verdwenen uit de Zuid-Hollandse duinen en Zuid- en Midden-Limburg en werd hij minder gezien in Overijssel en Gelderland (behalve in het hoogveengebied van Vriezeveen en de Engbertsdijkvenen). Nadien heeft de soort zich weer hersteld. Recent heeft hij zich uitgebreid in de omgeving van Groesbeek (GE), in Zuid-Limburg en op de Waddeneilanden, vooral op Texel. Tegenwoordig is het oranje zandoogje een algemene standvlinder. Europese verspreiding![]() Op Europese schaal is het oranje zandoogje niet bedreigd en over het algemeen is het voorkomen stabiel. AreaalHet oranje zandoogje komt voor van Zuid-Ierland en Portugal tot Klein-Azië en van Midden-Engeland en Midden-Hongarije tot Marokko, Midden-Italië en West-Turkije.Verspreiding in Nederland in drie periodenOp de onderstaande kaartjes is de verspreiding in Nederland aangegeven voor drie perioden: tot 1980, 1981-1994 en 1995 tot heden. Als basis hiervoor zijn de kaarten uit De dagvlinders van Nederland (Bos et al.) gebruikt. In de kaarten van de eerste en tweede periode worden alleen stippen van gelijke grootte getoond. Voor de kaart met recente verspreiding geldt: hoe groter de stippen, des te groter de trefkans van de soort in het betreffende 10x10 kilometerhok.Klik op een kaartje voor een vergroting. Laatste wijziging: 24 september 2008 |
Meer over deze soort:
Foto: Bernard Fransen; collectie Jaap Poot mannetje bovenkant Foto: André den Ouden Nieuw Gassel - 20 juni 2006 filmpje |
||