vorige  |  volgende
oranje wortelboorder  (Triodia sylvina)

De voorvleugels van het mannetje van de oranje wortelboorder zijn oranjebruin met twee crème diagonale lijnen.

Familie

wortelboorders (HEPIALIDAE)
meer informatie over deze familie »


Deze soort is goed tot redelijk goed te determineren, ook voor een serieuze beginner.
Dit verspreidingsbeeld is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting of de Werkgroep Vlinderfaunistiek of die online zijn ingevoerd via Waarneming.nl. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op die plek niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel zit, maar dat we daar vandaan (nog) geen waarnemingen ontvangen hebben.
  © De Vlinderstichting & Werkgroep Vlinderfaunistiek

Dit vliegtijddiagram is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting of de Werkgroep Vlinderfaunistiek of die online zijn ingevoerd via Waarneming.nl.

Kenmerken

Voorvleugellengte: ♂ 12-18 mm, ♀ 15-26 mm. Het mannetje heeft een kenmerkende oranjebruine voorvleugel, met twee donkergerande witachtige diagonale lijnen die een omgekeerde V vormen (de lijnen raken elkaar echter niet). Deze lijnen zijn nogal smal, tamelijk recht en ononderbroken. Het vrouwtje is iets groter en minder contrastrijk gekleurd dan het mannetje. De grootte is zeer variabel.

Gelijkende soorten

Het minder contrastrijk gekleurde vrouwtje lijkt soms op de blekere vorm van de gemarmerde wortelboorder (Pharmacis fusconebulosa); deze laatste heeft echter een witte vlek op de vleugelwortel en in het midden van de voorvleugel en bovendien geblokte franje. Zie ook de slawortelboorder (Pharmacis lupulina).

Voorkomen

Een vrij gewone soort die verspreid over het hele land voorkomt; lokaal soms talrijk.

Habitat

Wegbermen, bosranden, ruige graslanden en tuinen.

Waardplanten

Diverse kruidachtige planten, waaronder zuring, paardenbloem en adelaarsvaren; waarschijnlijk ook grassen.

Vliegtijd en gedrag

Half juli-begin september in één generatie. De vlinders vliegen vanaf de vroege schemering en komen goed op licht; ze worden ook vaak aangetrokken door stadsverlichting.

Levenscyclus

Rups: september-juni. De rups, die onder de grond leeft en zich voedt zich met wortels en (ondergrondse) stengeldelen, overwintert tweemaal en verpopt zich in de grond.

Laatste wijziging: 4 februari 2010


De kaartjes en diagrammen op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen-
bestanden van: