
agaatvlinder (Phlogophora meticulosa)
Familieuilen (NOCTUIDAE)meer informatie over deze familie » ![]() ![]() ![]() Deze soort is goed tot redelijk goed te determineren, ook voor een serieuze beginner. © De Vlinderstichting & Werkgroep Vlinderfaunistiek KenmerkenVoorvleugellengte: 21-25 mm. Deze uil heeft ongeveer dezelfde rusthouding als de levervlek (Euplexia lucipara), maar de voorvleugel is sterker geplooid en de voorrand is dieper naar beneden gevouwen. Verse vlinders zijn doorgaans olijfgroen en rozeachtig bruin gekleurd; in de loop van de vliegtijd worden deze kleuren vager. Het patroon op de voorvleugel is zeer constant; alleen de lichte strokleurige zone tussen de middenband en de golflijn varieert enigszins in breedte. Soms komen meer roodachtig bruin gekleurde exemplaren voor.VoorkomenEen heel gewone soort die verspreid over het hele land voorkomt.HabitatDeze soort kan vrijwel overal worden aangetroffen; wordt vaak gezien in tuinen.WaardplantenAllerlei kruidachtige planten, struiken en loofbomen, waaronder zuurbes, brandnetel, hop, spoorbloem, zuring, braam, hazelaar, berk en eik.Vliegtijd en gedragVooral mei-oktober in twee generaties; soms worden ook in de wintermaanden vlinders waargenomen. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen. Overdag rusten ze onbeschut op muren en paaltjes of in de vegetatie. De vlinders vertonen zowel zwerf- als trekgedrag.LevenscyclusRups: is het hele jaar aan te treffen en overwintert; tijdens milde winterdagen gaat de rups door met foerageren. De verpopping vindt gewoonlijk plaats in een cocon in de grond; soms in een voeg in een muur. De soort overwintert als rups of als pop.Laatste wijziging: 14 november 2009 De kaartjes en diagrammen op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen- bestanden van: ![]() |
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Zoölogisch Museum Amsterdam Foto: Hans van Oosterhout Hilversum - 22 augustus 2008 Foto: Hans van Oosterhout Spanderswoud - 22 januari 2008 |
||


