De VlinderstichtingVlindernet
Nieuwjaar 2015
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
zwart weeskind  (Mormo maura)

Eén van de grootste uilen die in Nederland voorkomt, echter alleen in Zuid-Limburg, is het zwart weeskind.

Familie

uilen (NOCTUIDAE)
meer informatie over deze familie »


Deze soort is goed tot redelijk goed te determineren, ook voor een serieuze beginner.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 30-36 mm. Een van de grootste uilen die in Nederland voorkomen; de donkerbruine voorvleugel is zeer breed. De tekening, waarvan vooral de onvolledige, donkere band met de scherpe lichte randen en de gedeeltelijk lichte aders opvalt, is weinig variabel. De kleur en de intensiteit van de tekening kunnen variëren; sommige exemplaren zijn gelijkmatig dofbruin van kleur, andere hebben een heldere lichtbruine, soms roze getinte tekening en een extra brede donkere middenband. De achtervleugel heeft opvallend lichte franje. De onderzijde van zowel de voor- als de achtervleugel heeft een brede lichte, geelachtig bruine zoom.

Voorkomen

Vrij zeldzaam. Een soort die vooral voorkomt in Zuid-Limburg, met name in het Gulpdal en het Geuldal; verspreid over het hele land kunnen zwervers worden waargenomen. De laatste jaren lijkt de soort zich naar het noorden uit te breiden, waarvan een recentelijk ontdekte populatie in het Dinkeldal (Twente) een bewijs is; ook komen er de laatste jaren waarnemingen uit Zeeland en Zuid-Holland. RL: niet bedreigd.

Habitat

Bossen en struwelen langs rivieroevers of moerassen.

Waardplanten

In het najaar vooral kruidachtige planten, waaronder zuring, dovenetel en vogelmuur; in het voorjaar vooral loofbomen en struiken, waaronder klimop, kardinaalsmuts, meidoorn en berk.

Vliegtijd en gedrag

Half juni-half september in één generatie. De vlinders komen op smeer en in mindere mate op licht; soms worden ze aangetroffen op honingdauw of bloedende bomen. De vlinders rusten overdag in gebouwen, onder bruggetjes of in nestkasten.

Levenscyclus

Rups: september-mei. De soort overwintert als jonge rups, laag in de vegetatie. De rups foerageert ´s nachts en verbergt zich overdag in de strooisellaag. De verpopping vindt plaats in een harde cocon achter schors, in muurspleten of in de strooisellaag.

Laatste wijziging: 15 september 2014


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Naturalis Biodiversity Center Leiden
Foto: Jan Scheffers
Bloedbergduin - 24 augustus 2011
 naar fotoalbum »


De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen