
rozenblaadje (Miltochrista miniata)
De voorvleugels van het rozenblaadje zijn rozerood met een donkere zigzaglijn en donkere vlekjes. Familiebeervlinders (ARCTIIDAE)meer informatie over deze familie » ![]() ![]() ![]() Deze soort is goed tot redelijk goed te determineren, ook voor een serieuze beginner. © De Vlinderstichting & Werkgroep Vlinderfaunistiek KenmerkenVoorvleugellengte: 12-15 mm. Een goed herkenbare soort. Heeft een afgeronde voorvleugel met een fijne diep getande dwarslijn iets voorbij het midden en een rij kleine donkere vlekjes of stippen bij de achterrand. De voorvleugel is gewoonlijk rozerood langs de voor- en achterrand en lichter van kleur in het midden; heel zelden is de vleugel egaal geel.VoorkomenEen gewone soort die verspreid en lokaal voorkomt op de zandgronden en in de duinen van het vaste land; is op sommige vliegplaatsen talrijk.HabitatLoofbossen, duinen, beboste heiden en struwelen; soms tuinen.WaardplantenKorstmossen op bomen, vooral op eik.Vliegtijd en gedragBegin juni-half september in één of twee generaties; de tweede generatie is partieel. De vlinders rusten overdag op twijgen of bladeren van houtige planten. Ze komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen van onder andere koninginnenkruid.LevenscyclusRups: augustus-juni. De soort overwintert als jonge rups; op milde winterdagen komt de rups soms tevoorschijn om te foerageren. De verpopping vindt plaats in een cocon waarin haren van de rups zijn verwerkt.Laatste wijziging: 19 juni 2008 De kaartjes en diagrammen op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen- bestanden van: ![]() |
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Zoölogisch Museum Amsterdam Foto: Henk van Woerden |
||

