
witlijntandvlinder (Drymonia querna)
De witlijntandvlinder heeft een donkerdere tekening dan de andere tandvlinders. Familietandvlinders (NOTODONTIDAE)meer informatie over deze familie » KenmerkenVoorvleugellengte: 15-20 mm. Deze tandvlinder is in vergelijking met andere Drymonia-soorten donkerder en scherper getekend. De witachtige middenband is smal; tegen de buitenrand van deze middenband bevindt zich een duidelijke middenstip, die aan één kant een vage begrenzing heeft. De achtervleugel is wit.Gelijkende soortenDe zuidelijke tandvlinder (D. velitaris) heeft een opvallend zandkleurig wortelveld. Zie ook de gestreepte tandvlinder (D. dodonaea) en de maantandvlinder (D. ruficornis).VoorkomenEen niet zo gewone soort die lokaal voorkomt ten oosten van de lijn Leeuwarden-Breda. De westelijke areaalgrens loopt over Nederland.HabitatOude loofbossen.WaardplantenEik; soms beuk.Vliegtijd en gedragEind mei-eind augustus in één generatie. Zowel de mannetjes als de vrouwtjes komen op licht.LevenscyclusRups: juli-september. De rups leeft meestal hoog in de boom en verpopt zich in de grond in een stevige cocon. De soort overwintert als pop.Laatste wijziging: 27 oktober 2011 De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere: ![]() N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben. |
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Zoölogisch Museum Amsterdam Foto: Marian Schut Apeldoorn - 4 juli 2009 Foto: Helen Karssing Markelo - 18 augustus 2010 |
||


