vorige  |  volgende
zilverstreephooibeestje  (Coenonympha hero)

Het zilverstreephooibeestje is niet alleen verdwenen uit Nederland, maar uit bijna heel West- en Midden Europa.

Familie

aurelia's (NYMPHALIDAE)
meer informatie over deze familie »


Let bij het determineren van deze soort altijd goed op de gelijkende soorten.
Dit verspreidingsbeeld is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting of de Werkgroep Vlinderfaunistiek of die online zijn ingevoerd via Waarneming.nl. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op die plek niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel zit, maar dat we daar vandaan (nog) geen waarnemingen ontvangen hebben.
  © De Vlinderstichting & Werkgroep Vlinderfaunistiek

Dit vliegtijddiagram is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting of de Werkgroep Vlinderfaunistiek of die online zijn ingevoerd via Waarneming.nl.

Kenmerken

Voorvleugellengte: circa 17 mm. De bovenkant van de voorvleugel is donkerbruin; bij het vrouwtje liggen twee kleine oranje vlekjes langs de achterrand. Op de bovenkant van de achtervleugel staan vier zwarte, oranjegerande oogvlekjes, die bij het mannetje soms slecht ontwikkeld zijn. Op de onderkant van de achtervleugel bevindt zich een doorgaande rij oogvlekken die aan de buitenkant door een zilverkleurige streep is afgegrensd en aan de binnenkant loopt een smalle witte band die net zo lang is als de rij oogvlekken.

Gelijkende soorten

Zie het tweekleurig hooibeestje.

Voorkomen

Het zilverstreephooibeestje is sinds 1959 uit Nederland verdwenen; kwam vooral voor in de Achterhoek en Zuid-Limburg.

Habitat

Open plekken en bosweiden in vochtige bossen: grazige ruigten en ruige graslanden langs waterloopjes in bossen of nabij bosranden.

Waardplanten

Diverse gras- en soms zeggensoorten, waaronder smele, zwenkgras, hondstarwegras en struisriet.

Vliegtijd en gedrag

Eind mei-begin juli in één generatie. De soort leeft meestal in kleine populaties.

Levenscyclus

Rups: eind juni-half juni. De soort overwintert als halfvolgroeide rups. De verpopping vindt plaats dicht bij de grond aan een gras- of plantenstengel.

Laatste wijziging: 20 februari 2009


De kaartjes en diagrammen op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen-
bestanden van:
Meer over deze soort:
Foto: Bernard Fransen; collectie Jaap Poot
mannetje bovenkant
Foto: Wilma van Holten
Polen - 19 mei 2009
 meer foto's »