vorige  |  volgende
klaverblauwtje  (Cyaniris semiargus)

Na in de jaren zeventig van de vorige eeuw te zijn verdwenen, lijkt het klaverblauwtje nu teruggekeerd in ons land.

Familie

blauwtjes (LYCAENIDAE)
meer informatie over deze familie »


Let bij het determineren van deze soort altijd goed op de gelijkende soorten.
Dit verspreidingsbeeld is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting of de Werkgroep Vlinderfaunistiek of die online zijn ingevoerd via Waarneming.nl. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op die plek niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel zit, maar dat we daar vandaan (nog) geen waarnemingen ontvangen hebben.
  © De Vlinderstichting & Werkgroep Vlinderfaunistiek

Dit vliegtijddiagram is gebaseerd op waarnemingen die zijn doorgegeven aan De Vlinderstichting of de Werkgroep Vlinderfaunistiek of die online zijn ingevoerd via Waarneming.nl.

Kenmerken

Voorvleugellengte: circa 15 mm. De bovenkant van de vleugels is bij het mannetje diep violetblauw met zwarte randen en bij het vrouwtje bruin. De onderkant van de vleugels is donkergrijs tot bruin met gelijkmatige, witgeringde zwarte stippen. Blauwe bestuiving op de onderkant van de vleugels komt weinig voor.

Gelijkende soorten

Zie het dwergblauwtje.

Voorkomen

Het klaverblauwtje is een sinds 1974 uit Nederland verdwenen standvlinder, maar werd daarna nog geregeld als zwerver waargenomen in Limburg. Sinds de jaren negentig van de twintigste eeuw is deze soort een onregelmatige standvlinder; recentere vestigingen in Zuid-Limburg blijken telkens slechts tijdelijk te zijn.

Habitat

Droge, matig schrale graslanden, zoals kalkgraslanden, schralere hooilanden, brede kruidenrijke schrale wegbermen en zonnig gelegen, vrij vochtige en kruidenrijke, extensief begraasde weilanden.

Waardplanten

Rode klaver; soms wondklaver.

Vliegtijd en gedrag

Begin mei-eind juni en begin juli-begin september in twee generaties. In warme jaren vliegt begin oktober soms een derde generatie. De vlinders voeden zich met nectar van onder andere rode klaver, witte klaver en rolklaver.

Levenscyclus

De rups van het klaverblauwtje is het hele jaar door aanwezig. De soort overwintert als halfvolgroeide rups in de strooisellaag. Jonge rupsen eten vooral van de bloemen en de zaden, na de overwintering eten ze ook de groeipunten van de bladeren.

Laatste wijziging: 6 februari 2010


De kaartjes en diagrammen op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen-
bestanden van:
Meer over deze soort:
Foto: Bernard Fransen; collectie Jaap Poot
mannetje bovenkant
Foto: Dick Groenendijk
Maastricht - 29 mei 2010
 meer foto's »